De Elbe, die in het aangrenzende Reuzengebergte ontspringt aan de Labská louka, stroomt Podzvičinsko binnen door een dal dat in het Heuvelland van Hostinné aan de oostelijke rand van het heuvelland onder het Reuzengebergte is ontstaan. De rivier heeft een diepe doorbraak in het dal gemaakt door de bergrug van Kocléřov. Boven de stad Dvůr Králové nad Labem verlaat de rivier de subprovincie Reuzengebergte-Jeseníky en stroomt de Boheemse plaat binnen. Het water stroomt door het bekken van Dvůr Králové, dat onderdeel is van het Heuvelland van Bělohrad, in het heuvelland van Jičín. De Elbe heeft in het noordelijk deel een smal erosiedal in het zandsteen gevormd. Het dal is overwegend gevuld met water van het stuwmeer Het Bos van het Koninkrijk. In het zuidoosten groeit uit het bekken van Dvůr Králové als een verlenging van de bergrug van Zvičina de markante bergrug van Libotov, gevormd door zandstenen blokken. De grote blokken vormen het bekend natuurreservaat De Duivelskastelen (Čertovy hrady). Het plaatselijk zandsteen was tevens de basisgrondstof tijdens de bouw van Kuks en Betlém. Nadat de Elbe het bekken van Dvůr Králové verlaat, stroomt deze over in de plaat van het Oostelijk Elbegebied eerst tussen de plaat van Velichov en Česká Skalice, later door het bekken van Hradec Králové. Bij Jaroměř neemt de Elbe twee grote links liggende rivieren erbij: Úpa en Metuje.
De rivier Trotina is een rechts liggende bijstroom van de Elbe. Het water ontspringt op de zuidelijke helling van de bergrug Zvičina, bij de gemeente Zdobín. Verder stroomt het door het dal van Miletín in het heuvelland van Bělohrad, oostelijk van de bergrug van Hořice. Bij Velký Vřeťov vult het de grote recreatievijver van Vřeťov. Bij Radčice neemt het van links de Hustířanka aan, die de plaat van Velichovy ontwatert, samen met het bekende kuuroord met modderbaden Velichovky. De Trotina stroomt over in de Elbe bij Lochenice in het bekken van Hradec Králové.
De westelijke en centrale delen van Podzvičinsko behoren tot het stroomgebied van Cidlina en diens bijstromen Javorka en Bystřice. De Cidlina ontspringt aan de zuidelijke helling van de bergrug van Tábor bij Koov. De rivier stroomt naar de Boheemse plaat door het heuvelland van Jičín, eerst door het bekken van Jičín. Bij Vitíněves stroomt er van de linker de beek Úlibice in, die het zuidelijk deel van het Heuvelland van Nová Paka in het voorgebergte van het Reuzengebergte en het oostelijk deel van het dal van Miletín van het Heuvelland van Bělohrad ontwatert. De Cidlina stroomt naar de plaat van Cidlina, die deel uitmaakt van de plaat van het Oostelijk Elbegebied. Bij Skřivany stroomt er van de linker kart de Javorka in.
De Javorka ontspringt in het Heuvelland van Nová Paka in het zuidelijk deel van het heuvelland onder het Reuzengebergte in het voorgebergte van het Reuzengebergte. Het brongebied ligt ten noorden van het vakantieoord en het kasteel Pecka, in een bosachtig recreatiegebied met een natuurbad. In Bělá bij Pecka stroomt er van rechts de Zlatnice in. De naam van die waterstroom is afkomstig van de goudmijnen, die in de Middeleeuwen in het brongebied in gebruik waren. In de Zlatnice stroomt in Stupná van rechts de beek van Sýkornice met de bekende watervallen van Nová Paka. Onder Bělá bij Pecka stroomt de Javorka door een schilderachtig dal. In Lázně Bělohrad stroomt de rivier naar de Boheemse plaat. In het heuvelland van Bělohrad komt het water door het dal van Miletín. In de stad bevinden zich bekende modderbaden. Bij árovcova Lhota stroomt er van links de beek van Lukavec in. Door een schilderachtig dal (Mezihořské údolí) heeft de rivier de bergrug van Hořice, die van zandsteen van hoge kwaliteit is, doorbroken. Het gesteente is een zeer gezochte grondstof en vormt de basis voor de plaatselijke steenhouwerstraditie. Op het zuidelijk uiteinde van het dal heeft er boven de rivier een slavisch fort gestaan. Na Ostroměř stroomt de Javorka door de plaat van Ostroměř, die deel uitmaakt van de plaat van Cidlina, uit de plaat van het Oostelijk Elbegebied. Van rechts komt er de Bukovka en de Luanka bij, van links de beek van Ohniťany.
Nadat de Cidlina met de Javorka samenvloeit, stroomt het water eerst door de plaat van Nový Bydov en daarna door de plaat van Chlumec. In Chlumec nad Cidlinou komt er van links de Bystřice bij.
Bystřice ontspringt tevens in het Heuvelland van Nová Paka, in het zuidelijk deel van het heuvelland onder het Reuzengebergte, in het voorgebergte van het Reuzengebergte. De bron is ter noorwesten van de gemeente Vidonice. Na Kal stroomt het water door een dal oostelijk van de bergrug van Zvičina. Op de vooruitspringende rots in het dal heeft in de oertijd een nederzetting gestaan en in het einde van het dal zijn er zandstenen rotsen. De Bystřice stroomt in de Boheemse plaat via het dal van Miletín in het Heuvelland van Bělohrad. Het water stroomt door Miletín, waar in de vroege Middeleeuwen een kasteel heeft gestaan en waar er van links de beek Bystý bijkomt. Die heeft het brongebied aan de zuidelijke helling van de bergrug van Zvičina in Horní Dehtov en Dolní Dehtov. De Bystrý beek heeft een dal laten ontstaan bij de voormalige badplaats van Miletín. De Bystrice doorbreekt de bergrug van Hořice door een dal ten noordoosten van Hořice. Bij Jeřice stroomt het water in de plaat van het Oostelijk Elbegebied en door de plaat van Nechanice en Chlumec.
Het noordwestelijk deel van Podzvičinsko wordt ontwaterd door het riviertje Rokytka, die ontspringt bij de gemeente Vrchovina in het Heuvelland van Nová Paka. De Rokytka stroomt van links over in de Oleka bij Stará Paka. De Oleka ontwatert het Heuvelland van Stará Paka en het Heuvelland van Lomnice. Alle heuvellanden zijn onderdeel van het heuvelland onder het Reuzengebergte in het voorgebergte van het Reuzengebergte. De Oleka is onderdeel van het stroomgebied van de Jizera, waarin het water in Semily stroomt.